De relatie tussen medewerkers en leidinggevenden bestaat niet alleen bij mensen. Ook onze nauwste verwanten, de chimpansees, werken samen, coördineren, beoordelen, belonen en waarderen elkaar – of niet. Een vergelijking.

Bij de gorilla’s is de alfaman echt een ouderwetse, autoritaire baas: zijn wil is wet. Maar chimpansees zijn politieke dieren. De macht van de leider in een groep chimpansees is gebaseerd op coalities van apen – de medewerkers – die hem steunen. Zij verwachten vooral van hun manager dat hij conflicten oplost: door even imponerend langs te lopen of vechtenden uit elkaar te halen. De manager verwacht van zijn medewerkers vooral dat ze hem daarin steunen en verder dat ze zich gedragen naar de rol die ze hebben in de groepshiërarchie.

‘Anders dan bij mensen op de werkvloer is er bij chimpansees natuurlijk geen commitment aan een bepaalde productie of een project. Ze zijn gecommitteerd aan de groep’, zegt bioloog Patrick van Veen. “Ze zijn niet van negen tot vijf bij elkaar, maar 24×7. Er staat dus veel voor ze op het spel.”

Met zijn bedrijf Apemanagement geeft Van Veen workshops en trainingen waarin hij professionals het gedrag van apen als spiegel voorhoudt voor het gedrag in organisaties. Ook op het gebied van waardering en feedback. “Die krijgt bij chimpansees vooral de vorm van een soort ruilhandel: diensten en wederdiensten.”

If you scratch my back, I’ll scratch yours. Chimpansees die elkaar mogen en steunen vlooien elkaar meer dan anderen. “Een alfaman zal vooral die aap vlooien die hem net geholpen heeft in een ruzie. Maar ook juist die medewerker die hij later hard nodig heeft, die hij niet kwijt wil. Zo bezien werkt vlooien als een loonsverhoging.”

Een andere probate beloning voor medewerkers die ‘goed presteren’ in de ogen van de alfamanager is het toekennen van seksuele privileges. “Een of twee mannetjes met wie hij een coalitie vormt tegen uitdagers, mogen met de vrouwtjes paren. Als die dat zelf ook willen natuurlijk, want bij chimpansees “onderhandelt” iedereen over alles.”

© Jelmer de Haas –
All Rights Reserved

Ze doen niet aan prestatiebonussen

Het beste voorbeeld van chimpansees die een gezamenlijke klus moeten klaren, is de jacht op kleinere apen, zoals colobusapen. “Ze moeten nauw samenwerken om zo’n snelle prooi te omsingelen en te vangen. Na afloop wordt het vlees gedeeld. Iedereen die meehielp, krijgt zijn beloning. Als de alfaman daarin iemand overslaat, zal die de volgende keer niet meer meewerken.”

Het is niet zo dat ieder gewaardeerd en beloond wordt naar de mate van zijn inbreng. “Ze doen niet aan prestatiebonussen. Uiteindelijk is je sociale status toch belangrijker voor de hoeveelheid vlees die je krijgt.”

De sociale status van iedere aap is te zien aan de afstand die hij tot de leider in acht neemt. “Als zo’n groep een beetje ligt te liggen, bevinden de coalitiegenoten en de populairste vrouwtjes zich het dichtst bij de alfaman, die in het midden zit. Kinderen hebben ook een hoge status. Jongere vrouwen en rivaliserende mannetjes zitten het verst weg. Je kunt het organogram van de groep zo aflezen. In organisaties willen afdelingen ook altijd zo dicht mogelijk onder de Raad van Bestuur hangen.”

Promotie tot nieuwe leider

Een chimpanseegroep die goed gemanaged wordt, kent minder stress en conflicten. “Maar als apenmanagers het niet in de vingers hebben, gaat het fout. Als ze in hun interventies te veel partijdigheid of buitensporig geweld laten zien, dan verzet de groep zich daartegen. Het is niet ongebruikelijk dat een hele groep zich tegen zo’n alfaman keert. Hij wordt dan snel afgezet en een andere man, die wel de steun van de groep geniet, wordt gepromoveerd tot de nieuwe leider.”

Leiderschap moet ook bij chimpansees iedere dag opnieuw waargemaakt worden. Van Veen haalt graag het voorbeeld aan van chimpanseeman Mike, in de groep die Jane Goodall bestudeerde in het Gombe-reservaat in Tanzania. “Hij bedacht op een dag om in zijn repertoire van imponeergedrag op lege olievaten te trommelen die in Goodalls kamp stonden. Dat maakte een indrukwekkende herrie, alle apen schrokken zich rot. Mike kon zich daardoor al snel als de dominante leider gaan gedragen. Maar hij miste alle andere vaardigheden die horen bij de rol van manager. Hij kon niet de vrede bewaren, geen coalities smeden, geen beloningen uitdelen. Had slechts een trucje geleerd, dat even indruk maakte. Hij hield het als manager dan ook niet lang vol.”

Gerelateerde artikelen:

Een koffer vol geluk leert kinderen wat medewerkers niet hebben geleerd

Lees dit artikel

De dunne scheidslijn tussen overdadige waardering en slimme marketing

Lees dit artikel

“Bedrijven kunnen hun medewerkers niet gelukkig maken – ze kunnen geluk wel faciliteren”

Lees dit interview